Silvia uit Manderveen wil kinderen van ouders met psychische problemen bereiken: ‘Praat’ | Tubantia

MANDERVEEN – Een arm om je schouders, gehoord en gezien willen worden, maar eigenlijk ook liever niet. Daardoor zijn kinderen van ouders met psychische problemen vaak zo moeilijk bereikbaar, weet Silvia Rikmanspoel uit eigen ervaring. Haar boodschap is helder: “Praat.”

Bij de wisseling van de seizoenen, als de bladeren vielen of het gras juist weer begon te groeien, dan zag Silvia haar moeder langzaam veranderen. Haar gezicht, de mond en de ogen. Er was een depressie op komst. “Daar heb je als kind kennelijk toch voelsprieten voor.” Maar als klein meisje kon ze er verder niet zoveel mee. “Je past je aan. Doet je ding. ‘Een kind speelt door en vergeet’, zeggen ze. Maar ik geloof niet dat dat zo is.”

Let wel: dit wordt geen zielig verhaal. Daar wil Silvia Rikmanspoel (47) niets van weten. Dit is een verhaal over kracht, jezelf vinden, je levenservaring delen en anderen helpen. “Het klinkt misschien vreemd, maar het heeft me uiteindelijk verrijkt als mens-zijn. Zonder dit alles had ik ook veel gemist. Was ik niet geworden wie ik nu ben.”

Hoe oud ze was toen ze erachter kwam dat haar moeder ziek was, weet ze niet precies. Ze zal op de lagere school hebben gezeten. Als klein meisje al maakte Silvia Rikmanspoel mee hoe haar moeder zich soms verloor in een depressie. Soms korter, soms iets langer. Met huilbuien aan de keukentafel. “Dat bepaalde sfeer in het gezin enorm. Dan werd het er niet vrolijker op. Al waren er ook goede periodes”, vertelt Silvia.

“Ik besefte dat ik mijn verleden niet langer weg kon stoppen. Ik moest er iets mee doen”

Enig kind

Zij was enig kind. Er over praten deed ze niet. Ook niet met haar vader. Het was dik veertig jaar geleden – een heel andere tijd. Over psychologische problemen werd niet gesproken, laat staat dat er oog was voor een kind. “Nee, ook op school praatte ik er niet over. Ik bouwde een muur om me heen. Dat voelde veilig. Maar ook wel uit schaamte. Ik deed ook altijd extra goed mijn best. Was perfectionistisch. Dat was mijn manier om er voor te zorgen dat mijn moeder niet weer ziek werd. De angst daarvoor was altijd op de achtergrond aanwezig.”

Het was soms eenzaam. Helemaal tijdens haar puberteit. “Dat is de tijd dat je jezelf gaat ontdekken. De grenzen opzoekt. Dat deed ik allemaal niet.” In die jaren ontwikkelde ze een eetstoornis: boulimia nervosa. Die hield ze jaren en jaren helemaal voor zichzelf. Niemand die er van wist. Maar geleidelijk aan veranderde er iets. Zo rond haar 40ste besefte ze dat ze zo niet verder wilde. Ze begon te praten over haar verleden. Eerst met de huisarts, geleidelijk aan ook met mensen in haar omgeving. “Het was een enorme drempel. Maar ik besefte dat ik mijn verleden niet langer weg kon stoppen. Dat ik er iets mee moest doen. En dat ik het zelf moest doen.”

“Ik heb me verbaasd over hoeveel kracht er in mijn lichaam zat”

Negatief

Het ging niet van vandaag op morgen. “Ik moest de muur steen voor steen afbreken.” Dat ging aanvankelijk gepaard met veel boosheid. Vooral na het overlijden van haar moeder, die niet ouder dan 69 jaar werd. “Toen ben ik eerst vooral heel erg boos geweest. Pas later, als je het allemaal hebt doorleefd, komt het begrip. Dan besef je dat het voor haar uiteindelijk het allerergste is geweest.”

Silvia had veel baat bij een cursus neurolinguïstisch programmeren (NLP). “Je leert anders naar jezelf kijken. Ik kwam erachter dat ik toch vrij negatief over mezelf dacht. Dat heb ik weten om te draaien. Ontdekte dat ik al die jaren toch ook heel erg sterk ben geweest.” Wandelen deed de rest. “Dat biedt de rust en de ruimte, om met jezelf bezig te zijn.”

Voettocht

Het mondde in 2014 uit in een voettocht naar Santiago de Compostela. Een geweldige ervaring. “De eenvoud van het lopen met niet meer dan een rugzak om. De confrontatie met jezelf. En merken dat je het kunt. Ik heb me verbaasd over hoeveel kracht er in mijn lichaam zat.”

Toen ze na 35 dagen lopen het bedevaartsoord bereikte, had ze het gevoel dat het nog niet gold voor haar eigen eindbestemming. Ze besloot door te lopen naar Finisterre. Een beestachtige tocht. “Regen, bliksem, storm. Toen ik uiteindelijk in Finisterre in de herberg op bed lag, vroeg ik aan een vrouw hoe zij het allemaal had beleefd. Ze vertelde dat ze allemaal het laatste stuk met de bus hadden gedaan. Ik bleek de enige te zijn die de hele route had gelopen.”

De terugkeer in Manderveen had een sterk ontnuchterend effect. “De reis had me enorm veranderd, maar hier was alles bij het oude gebleven. Daar moest ik iets mee.” Ze besloot haar ervaringen in een boek te vatten. “Terwijl ik aan het schrijven was, begreep ik dat ik met het verkeerde boek bezig was.” Haar leven met een moeder met psychische problemen hoorde ook bij het verhaal.

Vorig jaar verscheen Het oordeel voorbij, maar pas nadat haar dochter Sanne haar ervan had overtuigd dat het boek het verdiende om uitgegeven te worden en dat ze er anderen mee zou helpen. “Ik had nooit het idee om te gaan praten over alles wat er is gebeurd. En nou zette ik het allemaal in een boek.” Een nummer van zangeres Emile Sandé deed de rest. “Alsof het voor mij was geschreven.”

You’ve spent a lifetime stuck in silence,
Afraid you’ll say something wrong
If no one ever hears it how we gonna
learn your song

De vele reacties die ze kreeg, maakten dat ze nog meer overtuigd is dat ze er goed aan heeft gedaan. “Er waren meerdere mensen die vertelden dat ze helemaal niet in de gaten hadden dat mijn moeder ziek was.”

“Het zijn kleine dingen die het verschil kunnen maken. Toch die arm om je schouder”

Theater

Sindsdien deelt ze regelmatig haar ervaringen met anderen. Ze vertelt erover tijdens bijeenkomsten. Zoekt contact met andere KOPP-kinderen (Kinderen van Ouders met Psychische Problemen). Is met een theatergroep in gesprek om er een voorstelling voor scholen van te maken. En zat aan tafel met mensen van de zorginstellingen Mediant en Dimence.

“Wat ik hoorde, is dat er wel meer oog is voor de kinderen, maar dat die zo moeilijk bereikbaar zijn.” Ze herkent dat wel. “Ik snapte niet dat ze niet begrepen wat het met mij deed als mijn moeder weer een depressie had. Dat ik graag een keer een arm om mijn schouder kreeg. Ik wilde er wel om vragen, maar tegelijkertijd hoopte ik dat het niet zou gebeuren. Dan zouden ze zien dat ik niet zo sterk was als ik me voordeed.”

Ze hoopt op een kentering. Ziet daarin ook een rol voor vertrouwenspersonen op school. Want als er niets verandert, komen KOPP-kinderen later geheid zelf in de problemen. “Daarom is het zo belangrijk dat je ze op tijd bereikt. Het hoeft ook niet groot te zijn – het zijn kleine dingen die het verschil kunnen maken. Toch die arm om je schouder.”

Voor KOPP-kinderen zelf heeft ze eigenlijk maar een advies: “Ga praten. Vind erkenning in ervaring van anderen. Jij bent niet de enige.”

Silvia Rikmanspoel vertelt haar verhaal morgen tijdens de bijeenkomst ‘Prikkels’ in café De Cactus, aan de Pastoriestraat in Hengelo. Aanvang: 20.00 uur. Entree vrij. www.hetoordeelvoorbij.nl

Michel Hasselerharm 

BRON: Tubantia